109 Stoeldraaiersstraat 25
Dit pand staat op de hoek van twee straten waarvan de namen verwijzen naar het verleden. Het Soephuisstraatje (links) ontleent zijn naam aan het feit dat de Commissie voor spijsuitdeling van 1847 tot 1920 vanuit (huidig) Zwanestraat 12 soep uitdeelde aan arme Stadjers. De naam van de Stoeldraaierstraat verwijst naar het Stoeldraaiersgilde. Leden van dit gilde maakten hier in de zeventiende eeuw houten poten en spijlen voor meubels en trappen.
Begin twintigste eeuw was de Stoeldraaierstraat een smalle, levendige winkelstraat. Op nummer 25 zat het Dames-stoffenmagazijn Ike & Zonen. De erven Ike verkochten hun pand in 1930 aan de sociaal-democratische N.V. Drukkerij
en Uitgeversmaatschappij De Arbeiderspers uit Amsterdam.
Architect Adriaan Wittop Koning kreeg opdracht om het pand te verbouwen tot boek-winkel, kantoor én drukkerij van de noordelijke editie van het dagblad Het Vrije Volk. Veertien jaar later, op 15 april 1945, brandde de straat volledig af. Duitse soldaten hadden die middag een munitiewagen strategisch in de straat geparkeerd, waarna deze vanuit de Folkingestraat door Canadese soldaten werd beschoten. Het gevolg was een explosie die de hele straat verwoestte.
Begin jaren vijftig werd begonnen met de wederopbouw van de Stoeldraaierstraat, die daarbij werd verbreed. Ingenieur Jo Vegter kreeg van De Arbeiderspers opdracht tot de bouw van het huidige pand, dat in september 1954 werd opgeleverd. Op de begane grond bevond zich een zeer moderne boekwinkel met wand-schilderingen van kunstenaar Siep van den Berg (Tirns, 1913 - Amsterdam, 1988). Op de eerste verdieping waren de administratie, directie en redactie ondergebracht. Op de bovenste verdieping kwam een kantine. De opening werd feestelijk gevierd met een openbare waterorgelshow op het nog braakliggende terrein naast het gebouw. Daarnaast was er voor de genodigden een voorstelling van het Nationaal Ballet in de Stadsschouwburg.
In 1970 vertrok De Arbeiders-pers uit Groningen. Het pand werd overgenomen door de AMRO Bank die het liet verbouwen tot kantoor. Van 1990 tot 2015 zat de firma Woldring op het adres, eerst met meubels, later met porselein. Vlak voor de aanwijzing tot monument werden de stalen glaspuien vervangen door aluminium en het interieur verbouwd.